Maak je maar geen illusies: de vrouw is nog altijd tweederangsburger

“Ja, jij kunt ook minder gaan werken, maar dan is je carrière dus wel echt… hè… voorbij hè…” sprak de hypotheekadviseur tegen mijn vriend. Zojuist was de adviseur er nog even vanuit gegaan dat ik wel minder zou gaan werken als er kinderen kwamen. Hij had míj daarbij niet gewaarschuwd voor het voorbijgaan van mijn carrière. Ik had kennelijk geen ambities. Ik (v) ging een huis kopen met mijn vriend (m). Nou viel het me al op dat de hypotheekadviseur er wel heel gemakkelijk vanuit ging dat ik vast niets van hypotheken begreep, in tegenstelling tot de man aan mijn zijde, en dat makelaars vooral je vriend een hand geven en tegen hem praten wanneer ze een huis laten zien. Maar daarbij dacht ik nog: ach, ik heb nu eenmaal een introvertere persoonlijkheid die lastiger te peilen is dan die van mijn o zo extraverte metgezel. Dubieuzer werd het toen de hypotheekadviseur er gemakshalve vanuit ging dat ik minder zou gaan werken wanneer er kinderen zouden komen en zich constant vergiste door bij iedere berekening weer opnieuw te denken dat het hoogste inkomen aan mijn vriend toebehoorde. Ik vond dat niet zo leuk. Het was niet aan hem te bepalen wie zijn carrière zou opofferen voor het nageslacht. En ik hoef er niet keer op keer mee geconfronteerd te worden dat iedereen het de normaalste zaak van de wereld vindt dat een vrouw minder verdient dan een man bij een even lange werkweek, met een even lange historie op de arbeidsmarkt. Een eeuwenoude regel: de vrouw is persoon 2 Bij het afsluiten van een hypotheek hoort ook een samenlevingscontract....read more