Als ouder wil je niets liever dan jouw kind jouw normen en waarden meegeven. Zo ook de ouders van Carmen en Ale. Alleen hebben zij de ‘pech’ dat hun ouders rebellen zijn, dus worden ze meegesleurd door Zuid-Amerika en helpen ze hun ouders met hun werkzaamheden in het verzet.
Toen Augusto Pinochet aan de macht kwam in Chili, moesten Carmen en haar familie naar Canada vluchten. Carmen en haar zusje bouwden daar al snel een nieuw leven op, met veel vriendjes en vriendinnetjes. Ze dachten veilig te zijn, maar hadden er geen weet van dat hun moeder een rebel was, met verregaande plannen om terug te keren naar Zuid-Amerika en te helpen Pinochet ten val te brengen.
Hun vader blijft achter en hun stiefvader wacht op ze in Zuid-Amerika. Ze reizen heen en weer tussen Bolivia, Peru en Argentinië. Steeds als Carmen en haar zusje net ergens gesetteld zijn, gebeurt er weer iets en moeten ze vluchten. In veel van hun woonplaatsen doen ze net alsof ze een middenklasse gezin zijn, en ze doen zo min mogelijk politieke uitspraken.
Iedere keer weer moeten Carmen en Ale zich een nieuwe identiteit aanmeten, een nieuwe familiegeschiedenis uit hun hoofd leren en nieuwe leugens vertellen. Met het strijken van de jaren nemen de moeder en stiefvader van Carmen steeds meer risico en het komt geregeld voor dat de meisjes achterblijven bij een oppas (ook iemand uit het verzet) en ze maar moeten afwachten wanneer hun ouders terug komen, als ze nog terugkomen.
Op haar achttiende neemt Carmen een opmerkelijke beslissing; ze gaat ook bij het verzet, samen met haar vriend. Ze trouwen en lijken op elk ander pasgetrouwd stel. Met als enige verschil dat ze op een missie zijn en Carmen haar leven nu nog gevaarlijker is dan toen ze een kind was.
Als lezer weet je al dat Pinochet in 2006 op 91-jarige leeftijd als een vrij man stierf en dat de vele pogingen van Carmen en haar familie om hem ten val te brengen, gedoemd zijn te mislukken. Allicht door deze kennis snap je niet waarom de moeder van Carmen zulke risico’s neemt. Dat ze haar eigen leven op het spel zet, moet ze zelf weten, maar ze gebruikt haar jonge dochters zonder blikken of blozen in de strijd tegen Pinochet.
Daar dit waargebeurde verhaal vanuit Carmen haar standpunt wordt verteld, blijven sommige motieven onduidelijk. Waarom haar echte vader het goed vond dat zijn ex-vrouw met zijn dochters ten strijde trok, bijvoorbeeld. Of wat de moeder van Carmen bezielde om zulke enorme risico’s te nemen.
Misschien daarom is het boek ietwat onbevredigend. De rebellenfamilie is ontzettend spannend, maar als je als lezer niet begrijpt waarom deze mensen zulke enorme risico’s nemen, is het inleven lastig. Toch een petje af voor Carmen Aguirre, van haar ongewone jeugd heeft ze een bijzonder leesbaar boek gemaakt.
De rebellenfamilie krijgt drie van de vijf roze kogels.

