Boekrecensie: Eb – Rebekka W. R. Bremmer

Een boek lezen over een vissersvrouw die niets anders doet dan wachten tot haar man thuis komt, is dat boeiend? Ja, dat is enorm boeiend. Mits het is opgeschreven door Rebekka W.R. Bremmer, zij is er in geslaagd om een geweldig verhaal op te hangen aan één dag, waarop niets anders gebeurt dan wachten.

Het leven op het eiland waar Geeske en Johannes wonen is overzichtelijk. Alle mannen zijn visser en alle vrouwen baren kinderen, graven naar pieren en hopen dat hun man ’s avonds weer thuis komt. Als vissersvrouw weet Geeske dat er altijd een kans is dat je man niet thuis komt. Of zwaar verminkt aanspoelt op het strand, zoals de man van Ada. Alle vrouwen op het eiland leven met deze angst, maar ze praten er nooit over, dat brengt ongeluk.

‘Eb’ speelt zich af in een tijd ver voor mobiele telefonie en internet. Dus als Johannes na een dag op zee ’s avonds niet thuis komt, kan Geeske hem niet even whatsappen om te vragen waar hij blijft. Het enige wat ze kan doen, is wachten. Ze doet het huishouden, zorgt voor haar kleindochter zodat haar hoogzwangere dochter even kan uitrusten en denkt terug aan hoe ze Johannes heeft ontmoet.

Johannes is anders dan de andere mannen op het eiland, hij is een overkanter. Geen visserszoon, maar de zoon van een molenaar. Na de dood van zijn vrouw en kind, besloot hij voor het eerst van zijn leven naar zee te gaan en visser te worden. Hij ontmoet Geeske, wordt verliefd en ze trouwen. Ook al woont hij nu bijna twintig jaar op het eiland en vangt hij meer vis dan de rest, de eilanders vinden het eigenlijk niet meer dan logisch dat Johannes nu eens niet thuis is gekomen, want een molenaarszoon kent de zee niet zo goed als een visserszoon.

Als er plots op de deur wordt geklopt, hoopt Geeske dat er iemand nieuws komt brengen over Johannes. Er staat een vreemde vrouw voor haar neus, Gezientje, een overkanter, en zij had juist gehoopt dat Geeske haar kon vertellen waar Johannes was. Nu moet Geeske samen met Gezientje wachten, terwijl ze er langzaam achter komt wie deze vrouw is, en wat voor rol ze heeft in het leven van Johannes.

Rebekka W. R. Bremmer heeft met deze roman een waar kunststukje afgeleverd. De synopsis – een wachtende vrouw – lijkt niet al te spannend, maar voor je het weet ben je helemaal in de wereld van Geeske gezogen en móet je doorlezen omdat je zo graag wilt weten hoe dit verhaal eindigt.

Zowel Geeske als Johannes zijn enorm boeiende personages, driedimensionaal neergezet. De belevingswereld van de analfabete Geeske is enorm mooi en Bremmer schrijft zo beeldend, dat je haast het gevoel krijgt dat je zelf door het knisperende kweldergras loopt, met je kleinkind naast je.

Niets dan lof voor deze roman, al had het einde van mij wel iets uitgebreider gemogen. ‘Eb’ krijgt van mij vier van de vijf roze kogels en ik kijk nu al reikhalzend uit naar nieuw werk van Bremmer.