Indrukwekkend debuut van Renske Jonkman; zo gaan we niet met elkaar om

Sommige schrijvers kunnen wel een goed verhaal neerzetten, maar schrijven niet zo mooi. Andere schrijvers kunnen briljant met woorden omgaan, maar schrijven een flinterdun verhaal. Renkse Jonkman is zo’n schrijfster die niet alleen een verhaal kan vertellen, maar het ook nog ontzettend goed opschrijft.

In ‘Zo gaan we niet met elkaar om’ word je als lezer het leven van Hazel in gesleurd. Ik heb het boek in een ruk van kaft tot kaft uitgelezen, want Renske Jonkman had me direct vanaf de eerste pagina te pakken.

We leren Hazel in het verleden kennen, als ze op haar verjaardag een Vlaamse Reus cadeau krijgt van haar ouders. Ze is er dolblij mee en haar broer Jaris stelt voor om het konijn de bijnaam van Stalin te geven; Koba. De moeder van Hazel vindt ‘Bruintje’ een betere suggestie, maar omdat Hazel in haast alles haar grote broer volgt, noemt ze haar konijn Koba. Met tegenzin, want eigenlijk is ze boos op Jaris. Omdat hun verjaardagen zo dicht op elkaar liggen, vieren ze het altijd samen en hebben ze een eigen verjaardagsritueel. Maar Jaris besloot die ochtend van hun ritueel af te wijken en deed stom tegen Hazel. Zijn verklaring? “Als je ouder wordt zijn sommige dingen gewoon niet meer zo leuk.”

Kleine Hazel kan hier natuurlijk geen voorstelling van maken. Slagroomtaart blijft immers altijd leuk, ook als je ouder bent. Fast Forward naar de jongvolwassen Hazel, die met twee vrienden – Das en Keizer – in Amsterdam woont. En heel veel dingen niet leuk vindt. Eigenlijk moet ze het uitmaken met haar vriendje Mart (die door Das & Keizer steevast Mark wordt genoemd), maar ze kan het niet over haar hart verkrijgen. Eigenlijk zou ze dan ook moeten stoppen met vreemdgaan, minder moeten drinken, aardiger tegen haar ouders moeten zijn en beter studeren voor ze een tentamen heeft.

Maar het lukt allemaal niet. Hazel maakt er een bende van. En dat komt allemaal door Jaris. Jaris, haar grote broer, haar grote voorbeeld, die langzaam gek werd en met een plastic tasje, een bijbel en een volle baard bij het station tussen de andere zwervers sliep, blauwe mannen zag en zeker wist dat er boodschappen voor hem waren verstopt in de liedjes die op de radio waren. Een psychotische broer gaat je niet in de koude kleren zitten en op haar eigen manier probeert Hazel om te gaan met wat er allemaal met Jaris en haar is gebeurd. Maar heeft het wel zin? En is het niet te laat? En is niet gewoon alles kut?

Door middel van flashbacks laat Renske Jonkman zien wat er nu allemaal met Hazel en Jaris is gebeurd. Niet op een uitgekauwde, allesverklarende manier, alleen de defining moments, zowel in het heden als het verleden, worden uitgelicht. Hierdoor heeft het boek een hoog tempo, want elk hoofdstuk, elke flashback, elke zin is relevant en ook nog lekker opgeschreven. En voor je het weet zit je diep in Hazel haar wereld en wil je niets anders dan weten wat er nu met Jaris aan de hand is, wat voor malle fratsen Hazel nu weer uit gaat halen en of het allemaal ooit weer goedkomt.

‘Zo gaan we niet met elkaar om’ is tragisch en komisch en smaakt vooral naar meer. Laten we hopen dat Renske Jonkman na dit ijzersterke debuut doorgaat met schrijven, want ik zou dolgraag meer van haar hand willen lezen. ‘Zo gaan we niet met elkaar om’ krijgt vijf van de vijf roze kogels.