Tegenwoordig zijn piloten niets meer dan veredelde buschauffeurs en stewardessen zijn serveersters. Maar in de jaren ’30 waren piloten beroemde helden en de eerste stewardessen waren pioniers in een levensgevaarlijk vak. In dit boek worden niet alleen de eerste jaren van de burgerluchtvaart beschreven, maar ook de levens van twee stewardessen tijdens de oorlog. De een ging bij het verzet, de ander bij de NSB.
Vliegen was in de jaren ’30 nog lang niet zo veilig als nu, het kwam geregeld voor dat een vliegtuig neerstortte. Voor vrouwen was dan ook geen plek in de luchtvaart. Toen in het buitenland de eerste proeven werden gedaan met vrouwen aan boord, wist Hilda Bongertman direct wat ze met haar toekomst wilde; ze wilde stewardess worden.
Ze schreef een brief naar de KLM om haar diensten aan te bieden, maar kreeg een nogal nors antwoord terug, dat er in Nederland echt nog geen plannen waren om vrouwen aan boord te laten van een vliegtuig. Veel te gevaarlijk! Niet veel later werd Hilda de eerste stewardess van Nederland, en in een klap wereldberoemd.
KLM vroeg haar om meer stewardessen aan te nemen en op te leiden en zo kwam Trix Terwindt bij de KLM. Beide meisjes genoten van hun werk en het vele reizen, tot de Tweede Wereldoorlog prompt roet in het eten gooide.
Nog voor de Duitse inval, had Hilda al kant gekozen en was ze lid geworden van de NSB. Ze was het roerend eens met de visie van de NSB op de rol van vrouwen; zij moesten thuis blijven en voor de kinderen zorgen. Ongetrouwde vrouwen mochten van Hilda best wel werken, dat deed ze zelf immers ook, maar het hoogst haalbare doel was toch een gezin stichten.
Dus toen ze na een ongeluk niet meer durfde te vliegen, greep ze haar kans en trouwde met een man uit haar oude buurt, een Duitser. Ook al was hij Duits, hij was niet zo’n fervent aanhanger van Hitler en de zijnen als Hilda. Toen Hilda werd gevraagd om een boek te schrijven voor jongeren, over waarom het nazisme zo’n geweldige keus was, deed ze dit.
Terwijl Hilda druk bezig was met het schrijven van propaganda, werd Trix benaderd door het verzet, of ze wilde helpen een jonge piloot naar Zwitserland te brengen. En dat deed ze. Ze besloot door te reizen naar Engeland, omdat ze meer wilden doen voor haar land. Dus werd ze aangenomen als spion en opgeleid tot parachutist. Bij haar eerste dropping werd ze echter direct opgepakt door de Duitsers en gevangen gezet.
Na de oorlog proberen beide vrouwen hun leven weer op te pakken. Trix wordt direct weer aangenomen door de KLM en mag nieuwe stewardessen opleiden. Echter is ze zo getraumatiseerd, dat ze het werk niet lang vol houdt.
Hilda was ooit de beroemdste stewardess, en nu de beroemdste NSB’er. Ze wordt berecht omdat ze propaganda heeft bedreven en weet de rechtbank er van te overtuigen dat ze niet langer achter de idealen van de nazi’s staat.
Juist de keuzes die de vrouwen ná de oorlog maken, maken dit boek zo interessant. Ook nu blijkt weer dat weinig mensen 100% goed of fout waren tijdens de oorlog.
Ingrid van der Chijs heeft met Luchtmeisjes een zeer indrukwekkend boek afgeleverd. Hilda en Trix zijn normale vrouwen, die in abnormale omstandigheden verschillende keuzes maken, duidelijk beïnvloed door hun familie en hun omgeving.
Aanvankelijk vond ik het dan ook storend dat Van der Chijs zo uitgebreid schrijft over de families van de meisjes (“wanneer begint het spannende gedeelte nouhou!”) maar juist door hun familiegeschiedenis, begrijp je beter hoe Hilda en Trix zijn geworden wie ze zijn.
Luchtmeisjes is geen roman, maar een uiterst leesbaar document over twee bijzondere vrouwen uit onze vaderlandse geschiedenis. Niet alleen heeft Van der Chijs uitgebreid onderzoek gedaan, ze heeft alles ook heel aantrekkelijk opgeschreven.
Luchtmeisjes krijgt vier van de vijf roze kogels en ik zal de namen Trix Terwindt en Hilda Bongertman nooit meer vergeten.

