Vijf redenen om hoge hakken te dragen – ook al slopen ze je lijf

Als fervent hoge hakkendraagster, kan ik als geen ander vertellen waarom ik vind dat iedere vrouw minstens zes paar hakken in de kast moet hebben. Je kunt in je bejaarde jaren altijd nog plat lopen. Maar, ook als geen ander, kan ik vertellen dat deze beauties blijvende schade kunnen aanrichten. Toch deel ik meer dan graag vijf redenen om wèl hoge hakken te dragen. 1. Houding Hakken, het liefst zo hoog mogelijk, maken je houding mooier. Die jurk staat stukken beter om je lijf met een paar high heels, dan met een paar platvoeten. Kuiten worden langer en slanker, de rug staat ineens recht en bij vrouwen met hangende borsten, lijkt het ineens of ook die wat hoger staan. De hele houding knapt er van op. Ga maar eens op je tenen staan, dan voel je het gelijk. 2. Lopen Naast de houding is ook de manier van lopen mooier op hakken. Mits je het kunt. Want er zijn onkundige vrouwen die zich tóch ongeoefend op hoge hakken wagen en door de stad of op een feestje wankelen, met hier en daar een enkelknak. Niet doen, lieve vrouwen! En nee, niet dat je nu je platte gympies weer aan mag trekken, maar oefen. Iedere dag. 3. Elegant Vrouwen voelen zich eleganter als ze hakken dragen. De passen zijn lichter, de heupen bewegen meer, het is voorzichtiger, verleidelijker. Als een vrouw hakken draagt, zal ze zich automatisch elegant voelen. Zelfs de mannelijkste vrouw op aarde. 4. Aantrekkelijk Mannen vinden vrouwen op hakken vaak ook aantrekkelijk. En dan niet gelijk met feministische kreten komen, het is gewoon een feit. Een galant...read more

Belgen en hun wonderlijk leuke taal

Onderweg naar België luister ik naar Studio Brussel. Dat is gezellige radio, waar ze ook niet vies zijn van een beetje goede muziek. Maar niet alleen de muziek is leuk. Ook de taal. Nou ja, dat is gewoon Nederlands natuurlijk, maar met fijne, kleine, enórm grappige details. Ik ben dol op Belgen, hun uitspraken en hun letterlijke vertalingen uit het Engels.

read more

Hakken maken de vrouw (?)

Ik ben dol op hakken en het dragen van de hoogste exemplaren. Het is voor mij nu dan ook heel erg dat ik, in verband met zenuwafgeknelde perikelen, de komende tijd plat moet lopen. Zonder hak dus. En het liefst een schoen met een zo breed mogelijke neus. ‘Je kunt bijvoorbeeld sportschoenen dragen’ zei de dokter. Ik keek op dat moment in gedachten naar mijn beeldige jurkjescollectie. Morton’s neuroom. Dat heb ik waarschijnlijk. Een goedaardig gezwel rondom de zenuw van mijn middenvoetbeentjes tussen mijn derde en vierde teen. Het kan komen door het dragen van hakken en smalle schoenen, maar het kan ook zomaar plots ontstaan. Zo kreeg ik ineens twee gevoelloze tenen tijdens hardlopen. De volgende dag waren ze nog steeds dood, maar kregen na een paar dagen weer gevoel. Ze waren tot leven gewekt. Hoera. Ik trok mijn nieuwe paar hooggehakte L.K. Bennett’s gelijk aan, om er een rondje op te dansen. Lopen eigenlijk gewoon. Maar dat ging mooi niet, dat Morton ding had me daar even goed te pakken. Al weken loop ik nu op blote voeten. Thuis. En buiten de deur op slippers en andere platte, maar nog te smalle, en dus pijnlijke, schoenen. Ik heb maar nieuwe gekocht. Een heel gedoe nog, platte, redelijk charmante schoenen vinden. Maar na het passen van duizend paar, heb ik verstandig en leuk toch weten te combineren. Loafers, dus fijn breed aan de voorkant. Mijn tenen en mijn neuroom zwemmen vrolijk vrij rond in die open boel. Het is echt feest in mijn schoen. Dat feest beperkt zich dan ook echt tot vóór in mijn schoen. Nu hoor...read more

Vanaf nu date ik zonder al die belachelijke regels

‘Zijn er dan regels, Marlies?’ Nou, iedereen zegt van niet, zo ook ik, maar ze zijn er dus mooi wel. En ik word er knettergek van. Van wat wel en wat niet ‘mag’. Je mag in ieder geval niks meer spontaan doen. Berekenend te werk gaan is de nieuwe romantiek. Gatver! Ik date zo nu en dan. De laatste tijd heb ik vooral gemerkt dat ik van daten, nou ja, het gedoe eromheen, moe word. En bijna agressief. Want ik mag van alles niet. Ik heb liever dat ik van alles wel mag. Als ik voor of na een date wil zeggen dat ik het leuk vind of vond, dan moet ik daar volgens de ‘experts’ vooral mee wachten. Hij moet eerst iets zeggen. En zeggen is al niet waar, want er wordt doorgaans meer getypt dan ouderwets telefonisch gesproken. Je moet dus altijd maar braaf wachten als je mensen, heel dom, maar iedereen doet het, om advies vraagt. Ik ben geen wachter en ik zeg graag, correctie; typ graag, wat ik wil. Zonder na te denken. Dus ook zonder drie verplichte wachtdagen voor ik spontaan iets naar iemand mag uiten. En ik ben veel te hyper om dingen die ik denk en wil zeggen, uit te stellen. Het zal ergens goed voor zijn, anders zou het niet bedacht zijn. Maar ik ben er klaar mee, met dat gespeel van tactische spelletjes. Vroeger won ik al niet met spelletjes, dus ik zal er nu ook niet bijzonder succesvol in zijn. Luisteren naar advies van vrienden of vriendinnen is totaal geen goed idee. Niet onaardig bedoeld hoor. Maar wat weet...read more

Boekrecensie: Wat ze je niet vertellen over mama zijn – Suus Ruis

Men neme een hardwerkende single vrouw, met deadlines die haar om de oren vliegen, een zoon van vijf jaar oud, inclusief alles wat daarbij komt kijken, liefde en verslaving voor dingen die niet altijd even goed zijn voor een mens en een partij humor. Oh, en veel zelfspot. Nou, dan krijg je mij al een heel eind mee in je verhaal. En dat lukte Suus Ruis, moeder van Caesar (5 jaar), freelance journalist en auteur van twee eerdere romans, dan ook enórm met haar nieuwste boek ‘Wat ze je niet vertellen over mama zijn’. In ‘Wat ze je niet vertellen over mama zijn’ vertelt Ruis op openhartige en humoristische wijze over haar ervaringen en bevindingen van het moederschap, gecombineerd met haar drukke werk. Maar dan werkelijk met echt álles eromheen, erop en eraan. En oprecht, dus niet altijd even subtiel en gepolijst. Een verademing! Ze laat niets onbeschreven. Van haar afkeer van poepende vriendjes (van haar zoon) in haar huis en haar chronisch tijdgebrek, tot de situaties met haar ex en het verdriet dat ze voelt als haar kind in pijn verkeert. Haar zoontje Caesar is dan ook de grote kleine hoofdrolspeler. Voor moeders is het boek waarschijnlijk een feest der herkenning. Ik ben geen moeder. Dus geen herkenning. Maar dat maakt totáál niets uit. Tijdens het lezen van het eerste hoofdstuk moest ik wel even wennen. Dat moet ik vaak. Ook bij films. Ik moet erin komen. En dat was ook nu het geval bij het eerste hoofdstuk dat over de oppas gaat. Bij het tweede hoofdstuk begonnen mijn mondhoeken al snel te krullen. En vanaf de daarop...read more